top of page

Mesowolken: buitengewoon prachtig en zeldzaam!



We naderen met rasse schreden de maand juni. Dat betekent van alles en nog wat. Onder andere dat er aan de nachtelijke hemel een merkwaardig en redelijk zeldzaam verschijnsel kan optreden. Mesowolken.


Wat is dat voor iets. Wel er bestaan verschillende namen voor: ‘Lichtende nachtwolken’, spookwolken of LNC-wolken. Daarbij staat LNC dan voor: NoctiLucent clouds.

Zelf heb ik die spookwolken al een keer of drie gezien. Iedere keer rond de datum van 21 juni. Het is dus niet zoals het noorderlicht: hier in België heb je wel degelijk een gerede kans om het verschijnsel te zien.

Ach, nu ben ik toch wel vergeten om uit te leggen wat mesowolken zijn zeker.

Kijk, het weer – dus ook de wolken – is iets dat zich afspeelt in de troposfeer. De laag van de atmosfeer tussen de begane grond en, pakweg, tien kilometer hoogte. Nog een beetje hoger dan de Mount Everest dus. Wolken verlaten niet graag de troposfeer. Zelfs een cumulonimbus zal, tijdens het stijgen, plotseling afremmen bij de overgang naar de volgende laag boven de troposfeer: de stratosfeer. De top van de wolk schuift liever zijwaarts zodat de typische figuur van een aambeeld ontstaat. Voor wie niet goed zou begrijpen wat ik bedoel: kijk eens in ons meteo-lokaal. Daar hangen mooie foto’s die heel goed tonen wat ik bedoel.


Enfin, wolken zweven rond in de troposfeer en vermijden de zone van de stratosfeer die zich tussen 10 en 50 km. hoogte bevindt. Boven de stratosfeer zitten we nog niet in de ruimte, het heelal, maar in de mesosfeer. Die laatste situeert zich tussen 50 en 90 km hoogte.

In de periode van ‘de langste dagen van het jaar’ ontstaat een speciale situatie. In de mesosfeer lukt het voor een aantal verdwaalde watermoleculen om kleine kernen te vinden en wegens de lage temperatuur ontstaan dan maar wolkenslierten van ijspartikels. Eind juni zakt ’s nachts de zon wel onder de horizon, maar niet erg ver. Als het op de begane grond donker geworden is, schijnt de zon toch nog op de mesosfeer. In het geval de zon pakweg tussen de 3° en 9° onder de horizon staat is een belangrijke voorwaarde vervuld om spookwolken te zien. Zeldzaam zoals gezegd, maar het gebeurt.


Nu ja, ik schrijf: zeldzaam, het is toch zo dat het verschijnsel de laatste jaren wel meer voorkomt. Hoe dat precies komt is niet met zekerheid geweten. Er is wel een belangrijke hypothese. We weten reeds lang: opgeloste watermoleculen condenseren niet zomaar tot druppels. Ze verzamelen zich rond condensatiekernen. Roet, fijne zandkorreltjes, zoutpartikels, zelfs bacteriën en zoals een tweetal jaren geleden ontdekt is: uiterst kleine plastic-deeltjes. Uitroepteken. Tot nog toe waren kleine deeltjes op die hoogte zeldzaam, maar door het veelvuldig lanceren van satellieten hebben de verbrandingsmotoren voor extra roetdeeltjes gezorgd. Een alternatieve verklaring zou kunnen zijn dat deeltjes uit het heelal door de planeet gevangen worden en dan maar fungeren als condensatiekern. Vergeet niet dat de aarde elke dag 40 ton zwaarder wordt door het verzamelen van allerhande ruimtestof via haar gravitatie. Maar dat element zou dan weer geen verklaring zijn voor het feit dat mesowolken tegenwoordig meer voorkomen. De algemene regel is: hoe dichter bij Scandinavië, hoe meer kans om ze te zien. Dat hebben die spookwolken dus wel gemeen met het noorderlicht.


Een goede foto zegt natuurlijk meer dan mijn uitleg. En kijk, onze eigen Frans Van Lysebetten van de werkgroep astrofotografie heeft ook al mesowolken gezien in het midden van de nacht. Hij kon het natuurlijk niet laten om er zijn lens op te richten. Lucky us.


Veel plezier met de foto van Frans.

Ludwig Eensteen

135 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Comments


bottom of page